Heeft u ook soms een positieve Delvotest®T?

Krijgt u als dierenarts soms ook de vraag van een boer waarom een melkmonster van een individuele koe, na het verstrijken van de wachttijd, toch nog positief test met de Delvotest® T?

In dit artikel vindt u meer informatie over de Delvotest® T, alsook enkele mogelijke verklaringen voor een vals positieve Delvotest® T.

Werkingsmechanisme van de Delvotest® T

De test bestaat uit:

  • ampullen met agar medium;
  • incubator.

In het agar medium zit:

  • een gestandaardiseerde hoeveelheid sporen van Bacillus stearothermophilus var. Calidolactis;
  • nutriënten om deze bacteriën te doen groeien;
  • de pH-indicator bromocresol (die de vloeistof paars kleurt).

In de ampullen zitten dus alle ingrediënten die nodig zijn om de sporen van Bacillus stearothermophilus te laten ontkiemen. Na een incubatietijd van 3 uur en 15 minuten bij een temperatuur van 64 ° C zal dit dan ook gebeuren. Bij een te lange incubatietijd vermindert de testgevoeligheid.

Als melk zonder bacteriegroeiremmende stoffen aan de testampul wordt toegevoegd, zal er na de incubatieperiode ontkieming van de sporen en uiteindelijk groei van de bacteriën kunnen plaatsvinden. Dit veroorzaakt een pH-verandering en de pH-indicator zal de kleur doen veranderen van paars naar geel.

Als melk een te grote hoeveelheid bacteriegroeiremmende stoffen bevat, vindt er geen groei van de bacteriën in de ampul plaats: de kleur blijft paars.

Hieronder een voorbeeld van de kleuromschakeling.

Bewaarcondities

Om een goede screening te kunnen uitvoeren, is het van belang dat bewaring van de testkit gebeurt op de aangegeven manier. De testen dienen rechtop in de originele verpakking te worden bewaard. De test dient bewaard te worden in het donker, bij een temperatuur tussen de 4 °C en 15 °C. De cups mogen niet bevriezen. Wisselende temperaturen kunnen de inhoud zacht maken waardoor de agar los komt en er luchtbellen kunnen ontstaan. Als de ampullen bij hogere temperatuur worden bewaard gaat dit ten koste van de houdbaarheid.

Afwijken van de bewaarcondities kan leiden tot afwijkende resultaten.

Houdbaarheidsdatum

De vervaldatum op de verkoopsverpakking dient gerespecteerd te worden.

Gevoeligheid test

In het veld wordt de Delvotest® T ingezet om melk op koeniveau te testen op de aanwezigheid van antibiotica. De meest courante antibiotica kunnen met deze test opgespoord worden. Voor sommige antibiotica is de detectiewaarde gelijk aan de Europese Maximum Residue Level (MRL), maar voor andere is de detectiewaarde lager dan de MRL.

Voor benzylpenicilline is de MRL 4 ppb. Het detectieniveau van de Delvotest® T voor benzylpenicilline ligt op 1 ppb en daarmee dus beduidend lager dan de MRL.

Ook andere antibiotica worden gedetecteerd op of beneden de wettelijke MRL (zie tabel).

Dopharma product Actieve stof Detectiewaarde Delvotest® T uitgedrukt in ppb MRL uitgedrukt in ppb
Procpen 30 penicilline G 1 4
Ampi-dry 5000® ampicilline 4 4
Ampicilline 20% pro inj ampicilline 4 4
Oxymax® 100 mg/ml oxytetracycline 100 100
Pharmasin® 200 mg/ml tylosine 35 50
Tildosin® 300 mg/ml tilmicosine 60 50
Penstrep-ject® procaine benzylpenicilline dihydrostreptomycine 1

 

500

4

 

200

Dofatrim-ject® sulfadoxine

trimethoprim

40

110

100

50

TMP/SMZ inj sulfamethoxazole

trimethoprim

40

110

100

50

Vals-positieve resultaten met Delvotest®T

De Delvotest® T detecteert in principe alle bacteriegroeiremmende stoffen in de melk en kan daarom dus ook vals-positieve resultaten geven.

  • Nauurlijke inhibitoren zoals lysozymen en lactoferrines
    Lysozymen en lactoferrines zitten als natuurlijke inhibitoren in de melk en kunnen zorgen voor een vals-positief resultaat. Bij nieuwmelkse koeien en koeien met mastitis is de concentratie van deze stoffen in de melk relatief hoog.
  • Desinfectiemiddelen en reinigingsproducten
    Ook desinfectiemiddelen zoals iodine of waterstofperoxide (30%) kunnen bij resp. 150 ppb en 600 ppb een vals-positief resultaat veroorzaken.
  • Melkvetpercentage
    Melk met een vetpercentage boven de 6% reageert in het veld ook vals-positief.
  • Hoge concentratie aan somatische cellen
    Melk met een concentratie aan somatische cellen hoger dan 106 per ml kan een vals-positief resultaat opleveren.
  • Zuurtegraad van de melk
    Microbiologische inhibitortesten zijn extreem gevoelig voor een lage pH van de monsters,
  • Mechanische defecten
    Mechanische defecten die ervoor zorgen dat er niet lang genoeg of niet bij de juiste temperatuur geïncubeerd wordt, kunnen ook een vals-positief resultaat opleveren.

Wat te adviseren bij een positieve Delvotest®T?

In het geval dat de Delvotest® T een positief resultaat geeft, is het raadzaam om ter bevestiging minimaal één hertest uit te voeren. Zoals in onderstaande figuur beschreven wordt, kan het melkmonster voor de hertest kort (enkele minuten bij 80°C) verhit worden om zo de eventueel aanwezige storende factoren te neutraliseren. Ook kan men op penicillinen positieve melk verdunnen met tankmelk in een verhouding van 1 op 3 om de gevoeligheid van de test in relatie tot de MRL te omzeilen.

x*: verdunningsfactor om de penalisatiegrens voor benzylpenicilline op 4 μg/kg (4 ppb) (= MRL1, Verordening (EEG) nr. 2377/902) terug te brengen.

Conclusie

Alle bacteriegroeiremmende stoffen kunnen een positieve Delvotest® T veroorzaken. Een positieve uitslag betekent dus niet automatisch dat er ook antibiotica aanwezig zijn in de melk. Bovendien komt de detectielimiet niet altijd overeen met de MRL.

Referenties
(Referenties zijn op te vragen bij Technical support)

  1. DSM Delvotest® T – Specification sheet
  2. DSM Delvotest® T- Technical data sheet
  3. DSM Delvotest® T – Technical bulletin
  4. ILVO – T&V – Validation report of the Delvotest® T
  5. Verordening (EEG) nr. 2377/902
  6. Influence of Preservative Concentration, pH Value and Fat Content in Raw Milk at Detection Limit of Microbial Inhibitor Tests (Delvotest® Accelerator) for Amoxicillin and Oxytetracycline – Slavko Mirecki & Nikoleta Nikolić (2016).